Logo gemeentenieuwsonline.nl
Foto: ANP

Jeugdzorg: een zorgenkind op zichzelf voor veel gemeenten

OVERBETUWE – Lange wachtlijsten, grote financiële tekorten en een groot personeelsverloop: sinds gemeenten vanaf 2015 verantwoordelijk zijn voor de jeugdzorg kabbelen de problemen voort. “Er moet nu eens doorgepakt worden.” 

“De regie van de complexe jeugdzorg moet weer terug naar het Rijk”, zegt hoogleraar Jeugdrecht Mariëlle Bruning. Een wijziging waarmee volgens Bruning snel doorgepakt moet worden. De zware vormen van jeugdzorg, zoals jeugdbescherming, raken door de huidige marktwerking namelijk in de knel. “De focus is na de decentralisatie te veel komen te liggen op kostenbesparing en het aanbieden van preventie en lichte hulp. Met het idee dat lichte hulp meer winst oplevert en de dure zware jeugdzorg kan voorkomen. Kinderen met complexe problematiek worden hiervan de dupe. Ik zie het terug in de zaken bij de kinderrechter die veel zwaarder zijn geworden.”

Extra zorgen door corona

Volgens onderzoek van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) komen er in de jeugdzorg de komende tijd meer complexe zorgen bij. De Inspectie verwacht een toename van het aantal en ernst van complexe problemen bij jongeren na de coronacrisis. “Tijdens de coronacrisis is er minder toezicht geweest op jongeren met een hulpvraag, waardoor problemen zijn toegenomen. De maandenlange wachtlijsten in de jeugd-GGZ zullen waarschijnlijk daarbij ook nog weer langer worden”, vertelt Bruning. 

Het aantal kinderen en jongeren in de jeugdzorg is van 2015 tot 2020 gestegen, maar in het laatstgenoemde jaar juist gedaald. Volgens voorlopige cijfers van het CBS kregen in 2020 429.215 jongeren tot 23 jaar een vorm van jeugdzorg, 14.370 minder dan in 2019. In de gemeente Overbetuwe kregen in 2020 in totaal 1365 kinderen en jongeren tot 23 jaar te maken met jeugdzorg. 

Strijd om financiering

De Nederlandse gemeenten kampen met een tekort van 1,7 miljard euro voor jeugdzorg. “Het geld dat besteed kan worden gaat ook nog niet eens rechtstreeks naar de zorgen voor het kind”, zegt bijzonder hoogleraar wetenschappelijk onderbouwde jeugdzorg Annemiek Harder. “Zo gaat nu een derde van de kosten op aan afstemming en coördinatie. Daar wordt de hulpverlener ook mee opgezadeld. Sinds de decentralisering is er veel bureaucratie en strijd om financiering voor de hulpverlener bijgekomen.”

Carina Klinkvis is gezinscoach in Friesland en kan hier als geen ander over meepraten. “Ik ga naar gezinnen waar opvoednood is. Het liefst twee keer per week. Maar sinds de bezuinigingen en de toegenomen administratie kan ik vaak niet meer twee keer per week bij een gezin langs. Toen ik begon met dit werk kon ik per gezin zesenhalf uur besteden, nu nog maar vier. Dat komt het welzijn van het kind niet ten goede.” De strijd om financiering frustreert de gezinscoach ook enorm. “Bij elke stap die ik zet moet ik verantwoording afleggen en wordt er gekeken of het niet goedkoper kan. Ik heb al veel collega’s door alle rompslomp zien vertrekken en weet eerlijk gezegd ook niet hoelang ik het nog volhoud.”

Het kabinet kwam onlangs met 1,3 miljard euro extra over de brug voor de gemeenten, bedoeld voor de jeugdzorg. “Een mooie extra, maar de problemen zijn hiermee nog niet voorbij”, zegt Klinkvis. “Het is inderdaad goed nieuws, maar er moet kritisch gekeken worden hoe dit wordt ingezet”, vindt Bruning. “Een groot deel van het budget moet niet weer opgaan aan vooral lichte zorg. We moeten daarbij ook kijken bij welke lichte hulpvormen ouders zelf wellicht iets bij kunnen dragen. Anders kom je niet rond.”

“Ik weet niet hoelang ik het nog volhoud”

“De complexe jeugdzorg moet terug naar het Rijk”

?Gemeenten sinds 2015 verantwoordelijk voor jeugdzorg?

Sinds 1 januari 2015 is de jeugdzorg gedecentraliseerd, waardoor gemeenten vanaf dat moment de verantwoordelijkheid dragen voor jeugdzorg. Het idee hierachter was dat gemeenten dichterbij het kind staan, waardoor zorg op maat mogelijk zou worden. Door de decentralisering hebben gemeenten momenteel de verantwoordelijkheid voor:

Provinciale (geïndiceerde) jeugdzorg: hier valt ambulante hulp, dagbehandeling, pleegzorg en residentiële (zorg elders) hulp onder.

Jeugdbescherming: dit is een maatregel die de kinderrechter dwingend oplegt wanneer een kind onveilig is. Een ondertoezichtstelling komt het vaakst voor als maatregel.

Gesloten jeugdzorg (JeugdzorgPlus): onder JeugdzorgPlus vallen gesloten verblijf, gedwongen opname en gedwongen behandeling.

De geestelijke gezondheidszorg voor kinderen en jongeren (jeugd-GGZ)

Zorg voor jongeren met een lichte verstandelijke beperking (jeugd-LVB)

Gedacht werd dat gemeenten de jeugdzorg ook goedkoper zouden kunnen regelen. Tegelijk werd er zo’n 450 miljoen euro bezuinigd, waardoor in heel Nederland begrotingstekorten ontstonden.

?Gemeenten sinds 2015 verantwoordelijk voor jeugdzorg?

Sinds 1 januari 2015 is de jeugdzorg gedecentraliseerd, waardoor gemeenten vanaf dat moment de verantwoordelijkheid dragen voor jeugdzorg. Het idee hierachter was dat gemeenten dichterbij het kind staan, waardoor zorg op maat mogelijk zou worden. Door de decentralisering hebben gemeenten momenteel de verantwoordelijkheid voor:

Provinciale (geïndiceerde) jeugdzorg: hier valt ambulante hulp, dagbehandeling, pleegzorg en residentiële (zorg elders) hulp onder.

Jeugdbescherming: dit is een maatregel die de kinderrechter dwingend oplegt wanneer een kind onveilig is. Een ondertoezichtstelling komt het vaakst voor als maatregel.

Gesloten jeugdzorg (JeugdzorgPlus): onder JeugdzorgPlus vallen gesloten verblijf, gedwongen opname en gedwongen behandeling.

De geestelijke gezondheidszorg voor kinderen en jongeren (jeugd-GGZ)

Zorg voor jongeren met een lichte verstandelijke beperking (jeugd-LVB)

Gedacht werd dat gemeenten de jeugdzorg ook goedkoper zouden kunnen regelen. Tegelijk werd er zo’n 450 miljoen euro bezuinigd, waardoor in heel Nederland begrotingstekorten ontstonden.

“De complexe jeugdzorg moet terug naar het Rijk”

“Ik weet niet hoelang ik het nog volhoud”

Meer berichten